U staat op de steiger, de boot ligt klaar en u wilt vooral één ding: met rust aan het roer beginnen. Dan is het prettig als u niet meer hoeft te zoeken naar een jas, zonnebril of droge schoenen. De vraag wat neem je mee naar vaarles lijkt klein, maar een goede voorbereiding helpt u om uw aandacht te houden bij waar de les om draait: veilig varen, manoeuvreren en vertrouwen opbouwen.

Voor een vaarles hoeft u geen complete scheepsuitrusting aan te schaffen. Het grootste deel is aan boord aanwezig. Wel maakt uw eigen kleding en voorbereiding verschil, zeker op de Loosdrechtse Plassen waar zon, wind en een frisse bui elkaar op één dag kunnen afwisselen. Kies daarom niet voor zoveel mogelijk spullen, maar voor spullen die u comfortabel, droog en geconcentreerd houden.

Wat neem je mee naar vaarles? De basis

Draag vooral kleding waarin u makkelijk beweegt. Bij aanmeren, keren en het bedienen van lijnen wilt u zonder nadenken kunnen stappen, bukken en draaien. Een spijkerbroek kan prima als die comfortabel zit, maar een soepele broek en laagjes werken vaak prettiger.

Neem voor een vaarles in ieder geval het volgende mee:

Deze basis is niet overdreven. Op het water voelt de wind vrijwel altijd koeler dan aan wal. Tegelijk kan de zon hard weerkaatsen op het water, waardoor u sneller vermoeid raakt of hoofdpijn krijgt. Wie zich prettig voelt, houdt meer ruimte in het hoofd over voor het inschatten van afstanden, koers en snelheid.

Goede schoenen geven meer zekerheid aan boord

Schoenen krijgen vaak minder aandacht dan een jas, terwijl ze aan boord juist veel verschil maken. Kies voor schoenen met grip en een zool die geen strepen achterlaat. Lage sportschoenen, bootschoenen of stevige wandelschoenen zijn meestal een goede keuze, zolang de zool niet te grof of glad is.

Slippers, hakken en gladde leren zolen zijn minder geschikt. Niet omdat u tijdens een les voortdurend heen en weer loopt, maar omdat u bij een manoeuvre soms snel en stabiel moet kunnen verplaatsen. Denk aan een lijn aanpakken bij het aanmeren of veilig uitstappen als de boot stil ligt. Het doel is niet om haast te maken, maar om zeker te staan.

Nieuwe, witte schoenen die absoluut schoon moeten blijven kunt u beter thuislaten. Een steiger kan nat zijn en in een boot komt nu eenmaal wat vuil of spatwater voor. Praktische schoenen geven rust – en die rust merkt u direct wanneer u zelf aan het roer staat.

Kleed u in lagen, niet te dik

Een dikke winterjas lijkt op een frisse ochtend logisch, maar kan uw beweging beperken. Lagen zijn handiger: een T-shirt of shirt, een warme tussenlaag en daarover een winddichte jas. Wordt het warmer, dan trekt u eenvoudig iets uit. Trekt de wind aan, dan bent u snel weer comfortabel.

Let ook op de lengte van losse kleding. Een zeer lange sjaal, wijde jas of capuchon die voor uw ogen waait, leidt af. Houd uw kleding functioneel en overzichtelijk. Bij het varen wilt u uw zicht vrijhouden, uw handen goed kunnen gebruiken en zonder gedoe om u heen kunnen kijken.

Bij regen is een echte regenjas beter dan een paraplu. Een paraplu is op een boot onhandig, vangt wind en neemt een hand in beslag. Een regenbroek kan prettig zijn bij een langere les of een dagtraining, maar is bij licht weer niet altijd nodig. Kijk daarom vooral naar de weersverwachting en naar hoe snel u het zelf koud krijgt.

Neem documenten mee die voor u relevant zijn

Heeft u al een vaarbewijs? Neem het dan mee, zeker wanneer u vragen heeft over het toepassen van regels die u in de theorie heeft geleerd. Een vaarbewijs is geen vereiste om alle vaardigheden te oefenen, maar het geeft een instructeur wel inzicht in wat u al kent. Misschien weet u de voorrangsregels goed, maar vindt u de praktijk bij een druk kruispunt nog spannend. Of u kunt prima varen, maar wilt vooral zekerder worden bij het aanmeren.

Komt u met uw eigen boot of bereidt u zich voor op een aankoop? Neem dan gerust relevante gegevens mee, bijvoorbeeld foto’s van de boot, de indeling van de bediening of vragen die u vooraf heeft opgeschreven. Dat voorkomt dat een belangrijke vraag pas in u opkomt als u weer thuis bent.

Een identiteitsbewijs en uw telefoon zijn uiteraard handig om bij u te hebben, maar berg waardevolle spullen zo veel mogelijk veilig en droog op. Neem geen grote tas met losse spullen mee. Aan boord werkt overzicht beter dan bagage.

Wat kunt u beter thuislaten?

Voor een goede vaarles heeft u geen uitgebreide nautische garderobe, eigen reddingsvest of stapel theorieboeken nodig. Veiligheidsmiddelen zijn normaal gesproken aan boord aanwezig en worden tijdens de les besproken wanneer dat relevant is. Vraag het vooraf na als u om medische redenen of voor een kind een eigen reddingsvest wilt gebruiken.

Laat ook alcohol voor en tijdens de les achterwege. Varen vraagt concentratie, reactievermogen en een goed oordeel over afstand en snelheid. Een ontspannen dag op het water gaat uitstekend samen met gastvrijheid, maar niet met alcohol aan het roer.

Wilt u foto’s maken? Doe dat pas wanneer de situatie rustig is of vraag de instructeur om een geschikt moment. Tijdens een manoeuvre is uw blik naar buiten, uw aandacht bij de boot en uw communicatie met de instructeur waardevoller dan een foto voor later.

Bereid uw vragen thuis alvast voor

De beste voorbereiding zit niet alleen in uw tas. Denk de avond vóór uw vaarles kort na over wat u wilt leren. Misschien heeft u een eigen sloep en kost aanleggen u nog stress. Misschien gaat u binnenkort op vakantie varen en wilt u oefenen met smalle doorgangen, bruggen of drukte op het water. Hoe concreter uw doel, hoe gerichter u kunt oefenen.

Schrijf desnoods drie situaties op waarin u onzeker bent. Bijvoorbeeld: achteruitvaren in een box, aanleggen met zijwind of bepalen wanneer u snelheid moet verminderen. Die situaties zijn herkenbaar en goed te trainen. Varen leert u niet door alleen te horen hoe iets moet, maar door het meerdere keren zelf te doen en direct te voelen wat de boot reageert.

Bij individuele lessen is er ruimte om het programma daarop aan te passen. Bij Varenleren.nl staat u zelf het grootste deel van de tijd aan het roer. Dat betekent dat u niet alleen kijkt hoe een manoeuvre wordt uitgevoerd, maar ook leert sturen, corrigeren en opnieuw proberen tot het vertrouwd voelt.

Verschil tussen een les van vier uur en een dagtraining

Voor een vaarles van vier uur is de basisuitrusting meestal voldoende: comfortabele kleding, een jas, goede schoenen en bescherming tegen zon of regen. Eet vooraf iets lichts en neem water mee. U blijft dan alert zonder dat u zich ongemakkelijk vol voelt op het water.

Bij een dagtraining is een extra laag kleding nog belangrijker. Het weer kan gedurende de dag omslaan en vermoeidheid speelt later op de dag meer mee. Juist dan is het waardevol om te ervaren hoe u rustig blijft manoeuvreren als uw concentratie iets minder vanzelfsprekend is. Bij een dagtraining is lunch aan het water onderdeel van de ervaring, zodat u niet zelf met een koelbox of uitgebreide maaltijd hoeft te slepen.

Heeft u snel last van reisziekte, bespreek dat vooraf en neem uw gebruikelijke middel mee. De meeste mensen hebben op beschut binnenwater weinig last, maar voorkomen is prettiger dan tijdens de les moeten herstellen. Eet ook dan liever iets kleins vooraf dan helemaal niets.

Geef uzelf ruimte om te leren

Kom liever tien tot vijftien minuten eerder dan gehaast op het afgesproken tijdstip. U kunt dan rustig naar het toilet, uw jas aantrekken, uw spullen opbergen en kennismaken. Een les begint niet pas bij de eerste draai aan het stuurwiel. De rust waarmee u aan boord stapt, neemt u mee in de eerste manoeuvres.

U hoeft niet bang te zijn dat u alles vooraf al moet weten of perfect voorbereid moet zijn. Een vaarles is er juist voor de momenten waarop u nog twijfelt. Neem praktische spullen mee, kleed u op het weer en kom met een open vraag. De rest leert u stap voor stap op het water – totdat u merkt dat u niet meer alleen reageert op de situatie, maar zelf de regie voert.

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *